1. Waarom is inlevingsvermogen belangrijk? Rolneming Emotionele rolneming Zintuiglijke rolneming Motivationele rolneming Conceptuele rolneming
Als je in de huid van anderen kunt kruipen, ben je beter in staat anderen te begrijpen, aan te moedigen, te helpen, te troosten en rekening met hen te houden. We noemen dat rolneming. 
Bij rolneming gaat het om het vermogen je in te leven in wat de ander voelt, waarneemt, wil en denkt. Rolneming is onder te verdelen in vier dimensies:
De vaardigheid in sociale situaties de gevoelens van de ander te herkennen en je daarin in te leven.
De vaardigheid je voor te stellen wat de ander ziet, hoort, voelt of ruikt.
De vaardigheid de bedoelingen van de ander te achterhalen en je in te leven in de motieven van de ander.
De vaardigheid te achterhalen of je voor te stellen wat iemand denkt of weet in een bepaalde situatie.
Maar ook op andere terreinen is inlevingsvermogen van essentieel belang. Bijvoorbeeld bij het deelnemen aan het verkeer (je voor kunnen stellen dat een naderende automobilist jou niet kan zien als je tussen geparkeerde auto's oversteekt), bij het ontwikkelen van tijdsbesef (je kunnen verplaatsen in historische personen en gebeurtenissen) en bij oriëntatie in de ruimte (bij het leren hanteren van kaarten en plattegronden je kunnen verplaatsen in andere ruimtelijke standpunten).
Daarnaast heeft inlevingsvermogen een directe en sterke relatie met taalontwikkeling en taalverwerving.
Tips voor taalverwerving
Taal speelt een belangrijke rol bij het leren. Kinderen zijn vaak druk bezig met het verwerven en verfijnen van taal. Veel kinderen leren verschillende talen naast elkaar. Hieronder staat een aantal tips voor het lesgeven in een klas, waarin meer kinderen met dezelfde talige achtergrond zitten.
(Uit: Relaties en seksualiteit)
2. Hoe kan ik het inlevingsvermogen van kinderen bevorderen?
Maak gebruik van het feit dat uw inlevingsvermogen het inlevingsvermogen van kinderen beïnvloedt
Het voorbeeld dat we, al dan niet bewust, onze kinderen voorhouden, is belangrijk voor de verdere ontwikkeling van het inlevingsvermogen. Vooral wanneer we regelmatig laten doorschemeren, hoe ons doen en laten door anderen wordt beïnvloed. 'Ik heb jullie iets langer laten rekenen dan ik eigenlijk van plan was, want ik merkte dat jullie het zo'n leuke les vonden'. Of 'Ik ben bang dat door dat ongeluk jullie hoofd vanmorgen niet zo naar rekenen staat. Toch wil ik jullie vandaag een nieuw soort som uitleggen. Ik heb een voorstel: Laten we die rekenles verschuiven naar vanmiddag; dan lees ik jullie nu eerst een poosje voor uit ons nieuwe voorleesboek'.
Belangrijk aspect hierbij is dat u verwoordt waarom u op een bepaalde manier handelt. Uw overwegingen worden daarmee voor de kinderen, die misschien anders redeneren, transparant en dus begrijpelijk.
We dienen hier wel de opmerking bij te maken dat er uiteraard meer factoren zijn die de ontwikkeling van het inlevingsvermogen beïnvloeden, zoals bijvoorbeeld de gezinssituatie, vroegere ervaringen van de kinderen of het sociaal intelligentieniveau.
Geef kinderen de kans om veel ervaring op te doen in sociale contacten Situatieschets Rauwdouw
De tijd dat kinderen zich hoofdzakelijk met zichzelf en de hen opgedragen taak moesten bezighouden, lijkt in de meeste scholen definitief voorbij. Gelukkig maar, want inmiddels hebben we ontdekt dat kinderen de stof vaak ook beter onder de knie krijgen als ze met zijn tweeën of groepsgewijs aan het werk gaan. Bovendien doet elke vorm van samenwerking een beroep op de sociale gevoeligheid en daarmee het inlevingsvermogen van kinderen. De school kan kinderen daarvoor oefensituaties bieden. Bijvoorbeeld spelen in de poppenhoek, groepslezen, onderlinge hulp bij het rekenen of lezen, of rollen- en simulatiespelen. Ook de opstelling van het schoolmeubilair en de klasseregels kunnen er toe bijdragen, dat de kinderen veel met elkaar in contact komen.
Een aandachtspunt hierbij is de reflectie van de kinderen op de sociale contacten. Laat de kinderen de samenwerking nabespreken, zodat ze ook van elkaar horen wat ze ervan vonden.
Bevorder het inlevingsvermogen van kinderen door het te versterken als kinderen het tonen
Het is vaak effectiever om inlevingsvermogen van kinderen te versterken dan het tegenovergestelde gedrag af te keuren of te bestraffen. (Situatieschets: Rauwdouw) 
Thalia is een echte rauwdouw. Het is een aardige meid, maar ze stoort zich aan niets of niemand. Niet uit kwaadwilligheid maar gewoon omdat ze uitsluitend met zichzelf bezig is. Vorige week was het helemaal bar en boos. Haar groepsgenoten waren in alle staten. Ze zeiden dat Thalia telkens tegen hun tafeltjes aanstootte, waardoor ze 'helemaal niet' meer konden tekenen. Thalia hoorde alles met grote, onschuldige ogen aan. 'U zei zelf dat ik mijn kastje op moest ruimen', was haar antwoord.
Na schooltijd heb ik een poosje met Thalia gepraat en haar geprobeerd duidelijk te maken, dat ze ook met haar klasgenoten rekening moet houden. Aan de hand van enkele recente voorvallen liet ik haar zien, wat er fout ging en hoe ze anders had kunnen handelen. Thalia was een en al begrip ('Ja meneer, Nee meneer'), maar ik kreeg sterk de indruk dat het allemaal een beetje langs haar heen ging. Daarom sprak ik met haar af, dat ik de volgende dag, telkens als ik merkte, dat ze met een ander kind rekening probeerde te houden, mijn duim naar haar zou opsteken.
De eerste keer dat ik dat kon doen, was pas na de pauze. Thalia, met een hoofd als een boei, glunderde. Ik houd het al vier dagen vol. Ik bemerk kleine vorderingen, maar voor mij is het net zo'n opgave als voor Thalia: ik heb vaak net zo'n moeite om aan onze 'duimafspraak' te denken als zij aan het wel en wee van haar klasgenoten.
Er is soms veel voor te zeggen om dat tegenovergestelde gedrag gewoon te negeren en op de positieve situaties gezamenlijk terug te kijken (reflectie).
Maak gebruik van dagelijkse situaties in de klas om het inlevingsvermogen van kinderen te bevorderen Situatieschets Gips
Kenmerkend voor de schoolsituatie is dat een grote groep mensen een flink deel van de dag in een zeer beperkte ruimte verblijft. Elkaar ontlopen is er niet bij. Een situatie die in principe veel mogelijkheden biedt het inlevingsvermogen te toetsen en te verbeteren. Stel bij veel dagelijkse situaties bijvoorbeeld eens de vragen: Hoe voelt ... zich? Hoe weet je dat? of Waar zie je dat aan?
Hoe zou jij je in die situatie voelen? (Situatieschets: Gips) 
Bjorn heeft één been in het gips (ongeluk met een klimrek). Hij is druk bezig met zijn werkstukje als zijn schaar opeens op de grond valt. Priscilla ziet dat, raapt de schaar op en legt hem weer op de tafel van Bjorn. Bjorn doet alsof het de normaalste zaak van de wereld is en Priscilla gaat weer met haar puzzel verder. Ik loop naar haar toe en zeg: 'Goed zo Priscilla. Ik zag dat je de schaar van Bjorn opraapte. Je dacht zeker: Bjorn heeft een zeer been. Ik zal hem maar even helpen.' Priscilla's gezicht straalt. 'Ja', knikt ze.
3. Welke ontwikkeling maken kinderen door en wat zijn zinvolle Tussendoelen Leerlijn
tussendoelen 
Tussendoelen zijn onderwijsdoelen voor een bepaalde leeftijdsgroep, die samen met de tussendoelen voor de andere leeftijdsgroepen een samenhangende leerlijn vormen.
Voor de diverse leeftijdsgroepen groep 1-2, groep 3-4, groep 5-6 en groep 7-8 geven we hier een korte schets van de ontwikkeling van kinderen: ontwikkeling/rijping, kritische momenten in de ontwikkeling, risico's.
Zowel de gesignaleerde kansen als de risico's zijn indicaties voor de wenselijkheid om de betreffende aspecten een plaats te geven in het onderwijsprogramma, bijvoorbeeld door ze op te nemen in een leerlijn 
Een leerlijn is een reeks van samenhangende doelen voor de diverse leeftijdsgroepen.
De ontwikkelschetsen zijn in feite profielschetsen van het gemiddelde van een bepaalde leeftijdsgroep. In de praktijk vragen deze profielschetsen om nadere invulling en differentiatie, omdat kinderen nu eenmaal grote verschillen vertonen in rijping, leeftijd en milieu. Naarmate de kinderen ouder worden, zien we deze verschillen vaak toenemen.
Door de ontwikkeling van de kinderen op dit terrein goed te volgen, bijvoorbeeld met een leerlingvolgsysteem, krijgt u de specifieke informatie die de eigen situatie in beeld brengt.
4. Hoe kan ik in de les aandacht besteden aan het vergroten van het inlevingsvermogen van kinderen?
Omgaan met gevoelens en het vergroten van het inlevingsvermogen zijn bij uitstek onderwerpen waar rollenspelen en reflectie geschikte werkvormen zijn. In de lessuggesties worden echter ook andere werkvormen uitgewerkt.
Lessuggesties voor
Gevoelens van jonge kinderen. Kijk op "Werken aan": Gevoelens van zichzelf en anderen, paragraaf 4.
Praten over gevoelens met kinderen uit verschillende etnische culturen
Asielzoekerkinderen en vluchtelingenkinderen hebben vaak traumatische ervaringen opgedaan. Vooral ook voor hen is het belangrijk te leren omgaan met gevoelens als hoop, verdriet en angst.
Onderstaande uitgaven kunnen worden gebruikt als uitnodiging om daarover een gesprek op gang te brengen (kijk ook op "Werken aan": Gevoelen van zichzelf en anderen, paragraaf 1.):
Veelzeggende cijfers
Een bundel verhalen en gedichten van vluchtelingen in Nederland, geïnspireerd op de verwachtingen en hoop voor een nieuwe tijd. Voor vluchtelingen houdt dat in de hoop om met familie en vrienden in vrede te kunnen leven, zonder angst, terreur en honger. Hoop op een tijdperk waarin vluchten niet mee nodig is.
Qader Shafiq (samenstelling)
Veelzeggende Cijfers, verhalen en gedichten van vluchtelingen in Nederland.
Te bestellen bij:
COS Gelderland, info@cosgelderland.nl
Weeshuis
®chstra (uitvoering)
Cd met ontheemde herinneringen van muzikale vrienden uit Afghanistan, Tunesië, Iran, Koerdistan en voormalig Joegoslavië
Te bestellen bij:
COS Gelderland
of Stichting WHAA, info@whaa.nl